BREDE SCHOOL ] LEERPLICHT ] LEERLINGENVERVOER ] Onderwijsrapport ] SCHOLEN ] TAALONDERWIJS ] [ VOORSCHOOL ] VROEGSCHOOL ]

VOORSCHOOL

Bijna alle basisscholen in Geuzenveld-Slotermeer hebben nu een voor- of een vroegschool. 
Daarmee heeft Geuzenveld-Slotermeer de doelstellingen die in de Gemeente Amsterdam waren afgesproken gehaald.
Maar liefst 260 peuters en 430 kleuters worden in de voor- en vroegscholen beter voorbereid op het basisonderwijs. 
Daar mee wordt voorkomen dat kinderen met een achterstand het basisonderwijs inkomen. 
Voor kinderen van wie men al vroeg kan inschatten dat zij kans lopen een ontwikkelingsachterstand op te lopen is de voorschool in het leven geroepen. Het doel van het project voorschool is om dreigende taal- en ontwikkelingsachterstanden op te sporen en te verminderen door middel van een gestructureerd didactisch lesprogramma dat op bepaalde scholen wordt aangeboden. 

Voorwaarde is wel dat gedurende ten minste drie jaar geconcentreerde inzet van deze programma's wordt gerealiseerd. Dit betekent enerzijds dat samenwerking tussen peuterspeelzaal en basisschool nodig is om een doorgaande leerlijn te garanderen. Anderzijds worden de kinderen door twee leerkrachten begeleid.
Amsterdam is in 1997 voor vier jaar gestart met het experiment Voorschool. Eind 2001 is het experiment afgesloten met bemoedigende resultaten. Was in het raadsbesluit nog sprake van een experiment met 250 peuters, inmiddels maken 900 peuters en 2900 kleuters gebruik van de voorziening verdeelt over 38 voorscholen. 

De basis van de voorschool ligt in de samenwerking tussen peuterspeelzaal en basisschool. Het programma heeft het meeste effect als het kind er ook echt op peuterspeelzaalleeftijd mee begint. Het project strekt zich namelijk in principe uit over drie jaren zodat het kind als het naar groep 3 gaat een goed basisniveau heeft. Hierbij wordt gebruik gemaakt van Piramide programma. Met het opleidingsinstituut ABC zijn contracten gesloten voor deskundigheidstraining van de leiders en leidsters, gericht op het uitvoeren van het programma.

Wat de opsporing van potentiële achterstandssituaties betreft is de hulp ingeroepen van het consultatiebureau. Wanneer een kind daar voor het eerst komt wordt er een checklist ingevuld aan de hand waarvan een kind in een bepaalde groep wordt ingedeeld. Zo behoren kinderen met twee Nederlandse ouders die een hoge opleiding hebben niet tot dezelfde groep als kinderen van allochtone afkomst of kinderen van wie de ouders alleen lagere school hebben. De ouders worden ter plaatse ingelicht en krijgen een informatiepakket over de voorschool. Zij kunnen dan de keuze maken hun kind wel of niet naar een voorschool te sturen.

Een voorschool blijft een gewone school, waarin ook kinderen die niet tot de doelgroep behoren les krijgen. Ook voor de ouders is een belangrijke rol weggelegd met zogenaamde ouderbetrokkenheid- en taalvaardigheidcursussen. 'Verder zijn er contact-ouders die in de eigen taal de ouders kunnen aanspreken, informeren en als intermediair dienen tussen ouders en school. In de VVE beleidsnotitie wordt uitgegaan van het behalen van een streefaantal van ruim 700 kinderen uit de doelgroep.

Hiervoor is een Voorschoolcoördinator aangesteld en wordt onderzocht of uitbreiding van de huisvesting mogelijk is.  De ouders (meestal de moeders) worden verplicht om een voorlichtingscursus te volgen met een taalcomponent.

Einddoel Op 4 basisscholen VVE programma's ingevoerd en minstens 40 peuterleiders en leidsters geschoold.
Kindercomponent: Aanbieden van een effectief educatief programma aan 3 tot en met 6 jarigen met een ontwikkelingsachterstand met de intentie om de ontwikkelingsachterstand in te lopen, zodat de kinderen meer kunnen profiteren van het onderwijsaanbod.

Oudercomponent: Het vergroten van de betrokkenhied van ouders bij de schoolontwikkeling van hun kinderen d.m.v. het aanbieden van een voorlichtingsaanbod met taalcomponent en een aanbod opvoedingsondersteuning.

De ouder en kindcomponenten zijn omgekeerd evenredig verplicht en ook de school moet voldoen aan de gestelde criteria.  Kinderen in de dagopvang kunnen geen gebruik maken van de voor- en vroegschool.