ARS ] AFVALSTOFFENHEFFING ] ARMOEDE ] BEDRIJVEN ] BETAALD PARKEREN ] BELASTINGEN ] BEWONERS ] BUURTEN ] CAMPUS NIEUW WEST ] DIEREN ] DUALISME ] EESTERENMUSEUM ] EVENEMENTEN ] GROEN ] JONGEREN ] KAARTEN ] KUNST ] LINKS ] MARKTEN ] MILIEU ] MONUMENTEN ] ONDERWIJS ] OUDEREN ] POLITIEK ] RECREATIE ] RELIGIE ] SPORT ] STADSDEELGIDS ] [ STADSVERWARMING ] STICHTINGEN ] STATISTIEKEN ] STEDELIJKE_VERNIEUWING ] STRATENGIDS ] VEILIGHEID ] VRIJWILLIGERS ] VERVOER ] WEGWERKZAAMHEDEN ] WERK ] WETENSWAARDIGHEDEN ] WINKELCENTRA ] WONEN ] ZORG ]

Stadsverwarming

Geuzenveld-Slotermeer krijgt stadswarmte afkomstig van het Afval Energie Bedrijf. De jaarlijkse CO2-uitstoot in de wijk neemt hierdoor af.
In 2001 al namen gemeente en betrokken woningcorporaties het besluit dat de kooldioxide-uitstoot van de wijk omlaag moest. De combinatie van stadsvernieuwing met duurzame stadsverwarming geeft de beste resultaten. 
Het stadswarmtenet wordt gevoed door duurzame restwarmte afkomstig van het Afval Energie Bedrijf, dat momenteel uitbreidt met ‘s werelds eerste hoogrendement afvalenergiecentrale. De restwarmte die vrijkomt bij het omzetten van afval in duurzame energie, en die anders via koelwater en rookgassen zou verdwijnen, krijgt voortaan een nuttige bestemming. 
De warmte wordt tot de meterkast van de woningen geleverd, met een eigen verbruiksmeter voor elke woning. Bij woningen die op stadswarmte worden aangesloten, verdwijnen straks de CV-ketelinstallatie en aardgasaansluiting. In de contracten is vastgelegd dat de bewoners met stadsverwarming straks niet duurder uit zijn dan met een eigen gasketel.
“Met dit project levert Amsterdam een flinke bijdrage aan het Kyoto-verdrag. Door de stadsvernieuwing en het warmtenet wordt straks in de wijk 45 procent minder CO2 uitgestoten. Ook zal de luchtkwaliteit verbeteren, omdat vele duizenden schoorstenen van CV-ketels niet meer nodig zijn”.
Toch is niet iedereen blij met deze milieuvriendelijke oplossing. De Huurdersvereniging Amsterdam betwijfelt of huurders gegarandeerd ‘niet meer dan anders’ zullen betalen. In ieder geval kunnen de nu afgesproken tarieven met 12,3 procent omlaag. Een bijkomend nadeel zou bovendien zijn dat huurders zijn verplicht elektrisch te koken. Huurders met stadsverwarming krijgen geen gasaansluiting. 


De eerste maanden van 2004 zijn door energiebedrijf Essent de mogelijkheden verkend om een stadsverwarmingssysteem aan te leggen. Toen bleek dat Essent niet tegemoet kon komen aan de gestelde voorwaarden, zijn gesprekken gestart met het Afval Energiebedrijf (AEB). Op 29 september gingen de stadsdelen, gemeente en de meeste corporaties in Nieuw West akkoord met de aanleg van een warmtenet in grote delen van Nieuw West. Het net zal worden aangelegd en geëxploiteerd door Westpoort Warmte BV (WPW), een gezamenlijke onderneming van het AEB en Nuon Warmte. Afspraken over het warmtenet tussen WPW en de corporaties en tussen WPW en de gemeente worden momenteel opgenomen in overeenkomsten die in het voorjaar van 2005 werden ondertekend. ADoor Bureau Parkstad werd een voorstel voorbereid voor een methode dat een soepele voorbereiding, vergunningverlening en aanleg mogelijk moet maken. De werkzaamheden van de stadsdelen en WPW worden daarin op elkaar afgestemd. Amsterdam Nieuw West volgt tot nog toe de ontwikkelingen van het duurzaam bouwen beleid op stedelijk niveau. Sinds 2003 gelden daarvoor de milieuregels uit de Basiskwaliteit Woningbouw Amsterdam (BWA). 

In het kader van De Grote Vereenvoudiging van gemeentelijk beleid en procedures werd in 2004 ook de BWA kritisch tegen het licht gehouden. 
Men gaat voortaan alleen nog uit van wettelijke kaders bij de woningbouw. De BWA garandeert voldoende gebruikskwaliteit op het terrein van duurzaam bouwen en toegankelijkheid voor minder validen. Daarmee verhoogt de BWA de toekomstwaarde van woningen. De gemeente Amsterdam en de Federatie van Woningcorporaties achtten destijds het pakket maatregelen in de BWA noodzakelijk, omdat de wettelijke kaders onvoldoende kwaliteit boden. Bovendien werd de BWA gepresenteerd als middel om de woningbouwproductie te versnellen.
De BWA werd vastgesteld in samenspraak met de gemeente en de Amsterdamse Federatie van Woningbouwcorporaties en wordt ondersteund door de meeste stadsdelen. De ambitie om extra milieumaatregelen te nemen kent hiermee een breed draagvlak. Doordat Minister Dekker van VROM prestatie-afspraken heeft gemaakt met twintig stedelijk regio's om de woningbouwproductie te versnellen in de periode 2005-2010, was Duco Stadig (PvdA) bereid om de BWA te laten vallen.  De minister stelde de regio's financiële middelen in het vooruitzicht. Hieraan waren wel voorwaarden verbonden: binnen de regio's moeten afspraken worden gemaakt over bijvoorbeeld de verdeling van goedkope huurwoningen en de hele opgave moet in de beoogde periode worden gerealiseerd.  

Aansluiting op de stadsverwarming brengt de uitstoot van koolstofdioxide gemiddeld per woning met meer dan duizend kilo per jaar terug. Toch stuit deze milieuvriendelijke oplossing op groeiende weerstand. Huurders willen de keuze om te koken op gas. En de Huurdersvereniging Amsterdam (HA) vreest dat huurders met stadsverwarming eerder duurder dan goedkoper uit zijn. Ook bij corporaties groeit twijfel. 

Bij de opwekking van elektriciteit en de verbranding van huisvuil komt warmte vrij. Met die warmte wordt water tot 120 graden verhit. Dit water wordt via pijplijnen naar woonwijken vervoerd. Een warmtewisselaar brengt de temperatuur bij aankomst in de wijk terug naar een veilige zeventig graden. Daarmee worden de huizen verwarmd. Na gebruik wordt het afgekoelde water weer teruggevoerd.
De nieuwe verwarmingstechniek vermindert de uitstoot van koolstofdioxide gemiddeld per woning met meer dan duizend kilo per jaar. Uitbreiding van stadsverwarming helpt de gemeente Amsterdam bij haar doelstelling de uitstoot van koolstofdioxide met 550.000 ton per jaar terug te dringen. 
Stadsverwarming wordt gevoed met ‘restwarmte’. Die is in Amsterdam in overvloed voorhanden. “Een deel van de restwarmte van de Afvalenergiecentrale, de Hemwegcentrale en de Diemercentrale verdwijnt nu in het Noordzeekanaal of in het IJmeer. 
In totaal hebben nu 25.000 Amsterdamse woningen duurzame stadswarmte. De centrale in Diemen zorgt onder meer voor stadsverwarming in IJburg, Zuidoost en Zuideramstel. De komende jaren krijgt restwarmte van de Afvalenergiecentrale vaker een nuttige bestemming. Circa twintigduizend woningen, ruwweg een derde van het totale aantal woningen in de Westelijke Tuinsteden, worden de komende vijftien jaar voorzien van stadswarmte. De introductie van stadsverwarming in Nieuw West is al in 2002 door corporaties, stadsdelen en gemeente vastgelegd in de Energievisie ParkStad. In principe wordt alle nieuwbouw in de Westelijke Tuinsteden aangesloten op de stadsverwarming. Bij ingrijpende renovatie wordt per object bekeken of aansluiting technisch en financieel haalbaar is. Uitvoering is in handen van Westpoort Warmte, een gemeenschappelijke onderneming van gemeente Amsterdam en Nuon. De aanleg van de benodigde infrastructuur vraagt volgens Potters een miljoeneninvestering.
Het gaat in de Westelijke Tuinsteden om nieuwbouw van zowel koop- als sociale huurwoningen. Huizenkopers in Nederland investeren doorgaans veel geld in een nieuwe keuken. Een niet onaanzienlijk deel van hen kiest nu ook al voor elektrisch koken. En de huurders krijgen in hun huurwoning direct een passende kookplaat geleverd. Met de corporaties is een afspraak gemaakt dat de bewoners die ten gevolge van de stedelijke vernieuwing onvrijwillig moeten verhuizen een nieuwe pannenset krijgen. 

De Huurdervereniging is om allerlei redenen niet gelukkig met stadsverwarming. Er is slechts één aanbieder. Huurders hebben niks te kiezen. En er is sprake van een overeenkomst voor dertig jaar. “We zitten dus heel lang aan dezelfde leverancier vast. Als in de komende periode alternatieve energievormen beschikbaar komen, dan kan daar niet op worden geanticipeerd.” Volgens haar is bij de ontwikkeling van Westpoort Warmte al bij voorbaat weinig aandacht geschonken aan het gebruik van andere duurzame alternatieven als zonne- en windenergie. 
Consumenten gaan betalen voor het jaarlijkse vastrecht en het verbruik per gigajoule warmte. Daarbij zijn afspraken gemaakt over de indexering van deze tarieven. Voor de verbruiksprijs geldt het verlaagde tarief van stadsverwarming in Amsterdam-Zuidoost. Het vastrecht is gebaseerd op het adviestarief van EnergieNed, de overkoepelende organisatie van energiebedrijven in Nederland.
Huurders krijgen geen prijsgarantie. De prijs is gekoppeld aan de ontwikkeling op de oliemarkt. Er is ook geen echte kostprijs, want het gaat om restwarmte. De te betalen prijs is dus vooral afhankelijk van onderhandelingen over de prijs van de infrastructuur. Feitelijk kunnen de tarieven in de Westelijke Tuinsteden met meer dan 12 procent omlaag. Dat heeft te maken met afspraken tussen Westpoort Warmte, gemeente en de corporaties. “De kosten van een stadsverwarmingsinstallatie zijn hoger dan een traditionele cv-aansluiting. De corporaties zijn daarvoor op een ingenieuze manier gecompenseerd. Gemeente en corporaties zijn overeengekomen dat niet aan kostbare, bovenwettelijke isolatie-eisen hoeft te worden voldaan. De bouw van woningen wordt daardoor goedkoper. Maar het zijn wel onze huurders die daarvoor via een hoger energiegebruik de prijs mogen betalen. Een prijsverlaging zou dus op zijn plaats zijn. Beide aandeelhouders zullen immers veel geld aan deze constructie verdienen.”
Nuon heeft in 2004 in alle openheid een aanbod gedaan voor de oprichting van Westpoort Warmte. De gemeenteraad heeft vervolgens alle afspraken beoordeeld. Door toepassing van het ‘niet meer dan anders principe’ zijn bewoners niet duurder uit. Evenmin wijkt het isolatieniveau af van andere woningen.”
Het tij is in de Westelijke Tuinsteden niet meer te keren. De contracten zijn getekend. 

Er zijn drie soorten tarieven bij stadsverwarming:
• Variabele kosten: GJ-tarief, te betalen door de bewoner,
• Vastrecht, te betalen door de bewoner,
• Aansluitbijdrage, te betalen door de projectontwikkelaar.

De eerste twee tariefsoorten maken deel uit van de woonlasten van de gebruiker. 
De aansluitbijdrage maakt deel uit van de stichtingskosten. Dit is een onderwerp dat met name van belang is voor het Ontwikkelingsbedrijf. In de Westelijke Tuinsteden waar niet met de residuele grondprijs gewerkt wordt zijn voor koopwoningen de aansluitbijdragen via de stichtingskosten direct van invloed op de koopsom en dus op de woonlasten.
Mede om isolatieverschillen bij stadsverwarming te voorkomen, zijn in de Amsterdamse Basiskwaliteit Woningbouw 2003 extra isolatie-eisen opgenomen. 
De GJ-prijs zou  25% lager zou moeten zijn dan het EnergieNed-adviestarief. 

Vastrecht
Om toepassing van stadsverwarming voor sociale verhuurders kostenneutraal te houden, zal het ministerie van VROM dan wel het puntenstelsel van het woningwaarderingsstelsel moeten aanpassen, want nu krijgt een woning met HR-ketel drie punten meer dan een woning met warmtelevering. Dat betekent voor de corporatie een nadeel van € 158 per jaar bij 100% van de maximaal redelijke huur in het woningwaarderingsstelsel. 
De Gemeente Amsterdam kan bij het ministerie van VROM zo’n aanpassing bepleiten.
Bij koopwoningen in de hogere prijsklassen zijn hogere comfortklassen bij warmwaterlevering gangbaar (meer warmwater per minuut). Dat betekent een hogere investering, hogere vervangingskosten en iets hogere onderhoudskosten. Dus ook meer vastrecht. 

Aansluitbijdrage
Dit betreft de éénmalige kosten voor het aansluiten van een woning op de stadsverwarming. 
De aansluitkosten worden betaald door de ontwikkelaar. Lage aansluitkosten betekenen voor de ontwikkelaar bij een gelijkblijvende marktprijs meer winst en, als het stichtingskostenvoordeel wel wordt doorgegeven aan de koper, dat de woning goedkoper wordt en daardoor gemakkelijker te verkopen is.  De bewoner heeft op het moment van koop nog geen idee van zijn verbruikskosten voor warmtelevering. 
Die keuze is feitelijk voor de bewoner onvoordelig. Per saldo weegt zelfs bij een koopwoning het voordeel van een lagere koopsom lang niet op tegen het nadeel van de hogere verbruikskosten.  
Het Stadsdeel heeft in dit krachtenveld de verplichting om de bewoners daartegen te beschermen.

Het toepassen van minder goede isolatie heeft een nadelige invloed op het milieuvoordeel van stadsverwarming. Bij toepassing van restwarmte blijft het milieuvoordeel wel overeind, maar bij gebruik van een STEG (elektriciteitscentrale speciaal ontworpen voor warmteopwekking) en vooral bij toepassing van Warmtekrachtkoppeling is het verschil met een gasinstallatie dan niet groot meer.
 

Bij stadsverwarming is er geen rookgasafvoer, want er wordt geen gasleiding gelegd en er ontstaat dus ook geen rookgas. Rookgassen die ontstaan worden bij de centrale afgevoerd en niet bij de gebruiker. Een STEG-installatie is een gecombineerde Stoom En Gasturbine installatie, waar met gas gestookt wordt om elektriciteit op te wekken en de restwarmte water tot stoom verhit en deze stoom door een stoomturbine geleidt wordt. Om enerzijds via een warmtewisselaar nuttig gebruikt te worden voor bijvoorbeeld stadsverwarming en anderzijds binnen het proces teruggeleidt ter verbetering van het totaal rendement. Een installatie zoals de AVI werkt dus niet met gasturbines maar alleen met stoomturbines. De warmte om de stoom te maken komt uit de verbranding van afval. Warmtekrachtkoppeling is een term om aan te geven dat er zowel elektriciteit als warmte opgewekt wordt binnen een proces.

Loslaten van de Basiskwaliteit voor warmtewoningen en de energiemaatregelen beperken tot EPC=1,0 betekent een meerverbruik van 9,4 GJ (+28%) voor een eengezins warmtewoning en voor de gestapelde warmtewoning 8,1 GJ (+28%). Dat is meer dan een kwart extra! Het verschil is zo groot omdat met Basiskwaliteit de EPC 0,22 à 0,23 lager uitkomt. Dat verschil is veel groter dan het EPC-verschil tussen gas- en warmtewoningen bij gelijke energiemaatregelen.
Het verschil in gasverbruik tussen een eengezins gaswoning met Basiskwaliteit 2005 en een met EPC=1,0 bedraagt 18%. Bij een gestapelde gaswoning is dat 15%.
Bij een EPN van 0,8 voor zowel warmte- als gaswoning zonder handhaving van de Basiskwaliteit, zal de GJ-prijs met circa 13,8 % verlaagd moeten worden om het NMDA-principe in stand te houden ten opzichte van de extra energiezuinige gaswoning.
Langzamerhand ligt er een hele stapel onderzoeken waaruit blijkt dat de bewoners bij stadsverwarming in de regel wel meer dan anders betalen, gemiddeld rond de € 300 tot € 400  per jaar teveel (o.a.: ECN-onderzoek Energie-infrastructuur in opdracht van de AFWC uit 1998, Dit komt ook naar voren uit eigen berekeningen van de voormalige Stedelijke Woningdienst.

Leefbaar Slotermeer Geuzenveld wil dat het Stadsdeel een NMDA (Niet Meer Dan Anders) overeenkomst voor stadsverwarming afsluit, dat zeker stelt dat “de kosten van warmte, warmwater en koken niet hoger zullen zijn dan die in een gas situatie” en pleit voor behoud van de Amsterdamse Basiskwaliteit Woningbouw . 

*Het Afval Energie Bedrijf is onderdeel van de gemeente Amsterdam. De organisatie bestaat uit twee bedrijfsonderdelen en een joint-venture met NUON. De onderdelen zijn de Afvalverwerkingsinstallatie, AVI Amsterdam en GICA, de Gemeentelijke Inzameling Chemisch Afval Amsterdam. De naam van de joint-venture is Westpoort Warmte B.V.

*Sinds 1995 worden in het Bouwbesluit eisen gesteld ten aanzien van de energiezuinigheid en is de EPN (Energie Prestatie Normering) ingesteld.  

*De EPN beschrijft hoe de energie-efficiëntie van een nieuw gebouw of een nieuwe woning in één getal kan worden uitgedrukt. Er is een EPN voor woningen en een EPN voor kantoren en andere utiliteitsgebouwen. 

*De energie-efficiëntie wordt uitgedrukt in de Energie Prestatie Coëfficiënt (EPC). De EPC wordt berekend op basis van de gebouweigenschappen, de gebouwgebonden installaties en een gestandaardiseerd gebruikersgedrag. 


Op 8 juli 2005 zijn de contracten getekend om in een deel van Nieuw West stadsverwarming aan te leggen. Vanaf 2006 worden de meeste nieuw te bouwen woningen en een aantal renovatiewoningen aangesloten op stadsverwarming. Voor bestaande woningen verandert er niets. De aanleg van stadsverwarming (of “stadswarmte”) heeft gevolgen voor de bewoners die daarmee te maken krijgen. Daarom heeft Bureau Parkstad dit informatieblad gemaakt. In dit informatieblad wordt uitgelegd wat stadswarmte is en wat de belangrijkste gevolgen zijn. De leveranciers van stadswarmte en de woningcorporaties zullen de bewoners straks uitgebreid van verdere praktische informatie voorzien. 


In de meeste woningen komt warm water uit een gas gestookte Cv-ketel, waarmee u kunt douchen, afwassen en het huis verwarmen. Stadswarmte doet precies hetzelfde, maar zonder tussenkomst van een Cv-ketel. U krijgt het warme water dus direct geleverd. Het komt de woning binnen via een stelsel van ondergrondse leidingen dat zich door heel Nieuw West vertakt. De bron van de warmte in Nieuw West is de nabijgelegen Afval Energie Centrale(AEC) in het westelijk havengebied. 
Deze gemeentelijke centrale verbrandt 24 uur per dag huishoudelijk afval en behoort tot de modernste en schoonste centrales in de wereld. Door de verbranding van afval komt veel warmte vrij waarmee elektrische stroom en warm water wordt geproduceerd. Nu nog moet veel warm water noodgedwongen worden geloosd in het Noordzee kanaal, maar door stadswarmte naar Nieuw West te brengen krijgt de warmte een nuttige bestemming. De centrale wordt als het ware een gigantische Cv-ketel voor heel Nieuw West. De centrale produceert het hele jaar door 24 uur per dag warm water. Straks zullen grote leidingen deze warmte naar Nieuw West pompen, waar het zich in dunnere leidingen vertakt op weg naar zogeheten ‘onderstations’ die elk circa 600 woningen van warmte voorzien. Een onderstation is een kleine technische ruimte onderin een gebouw, die verder geen geluid of overlast geeft.
De toegepaste techniek en materialen zijn modern en niet meer te vergelijken met oude stadsverwarmingssystemen uit de vorige eeuw. Stadswarmte wordt in Nederland met name in de grote steden toegepast. 

Het lijkt omslachtig om een heel netwerk van warmtebuizen door Nieuw West aan te leggen, terwijl er al gasleidingen liggen voor Cv-ketels. Toch is er een goede reden om stadswarmte aan te leggen, nog even afgezien van het feit dat het gewoon een comfortabele, betrouwbare wijze is van verwarming. 
Het grote pluspunt van stadswarmte in vergelijking met Cv-ketels is de milieuvriendelijkheid ervan. 
Wereldwijd maakt men zich steeds meer zorgen om het milieuprobleem van klimaatverandering, als gevolg van het zogeheten broeikaseffect. Een hoofdoorzaak van dit milieuprobleem is dat we teveel kooldioxidegas (CO2) produceren. Dit gas komt vrij bij de verbranding van olie, benzine en gas. De meeste landen proberen de uitstoot van CO2 daarom te verminderen en hebben dat met elkaar afgesproken in het bekende Kyoto verdrag. Ook de gemeenten in Nederland doen hun best om daaraan bij te dragen. Voor Amsterdam is uitgerekend dat de CO2 uitstoot in Nieuw West kan verminderen met 142 miljoen kilo per jaar. Dat is erg veel; de vermindering is te vergelijken met het milieuvoordeel van 800.000 zonnepanelen of 1.7 miljoen bomen. Die indrukwekkende cijfers worden onder andere bereikt door minder afhankelijk te worden van aardgas.
Bij het verwarmen van Amsterdamse woningen met gewone Cv-ketels wordt veel aardgas verstookt en dus ook veel CO2 geproduceerd. Door stadswarmte wordt er veel minder aardgas gebruikt en vermindert dus ook de uitstoot van CO2. Daarom heeft de gemeente de aanleg van stadswarmte opgenomen in het Milieubeleidsplan Amsterdam.
Stadswarmte maakt gebruik van restwarmte die reeds in overvloed aanwezig is, bijvoorbeeld bij elektriciteitscentrales en afvalverbrandingsinstallaties. De Afval Energie Centrale heeft veel warmte over, die milieuvriendelijker wordt gemaakt dan met individuele Cv-ketels. 
Een bijkomend voordeel is dat ook de luchtkwaliteit in Nieuw West zal verbeteren omdat vele duizenden schoorstenen van Cv-ketels verdwijnen. 

Het bedrijf Westpoort Warmte BV (“WPW”) gaat het stadswarmte systeem aanleggen. WPW is een gezamenlijk initiatief van de gemeente Amsterdam en energiebedrijf Nuon. Het bedrijf is indertijd in het leven geroepen omdat de gemeente als eigenaar van de Afval Energie Centrale (AEC) warmte wilde leveren aan de stad en een energiebedrijf zocht met ervaring op het gebied van warmtelevering. Deze twee partijen richtten samen Westpoort Warmte op, dat tot doel heeft om de warmte van de AEC naar woningen, kantoren en bedrijven te brengen. Zo krijgen bedrijven in het westelijk havengebied al jaren warmte geleverd van WPW. Nuon en de gemeente zijn beide voor de helft eigenaar van WPW. Westpoort Warmte is straks verantwoordelijk voor het stadswarmte project. Zij zullen aannemers aan het werk zetten die alles zullen aanleggen.

De aanleg begint in 2006. Eerst worden nieuwbouwwoningen, of woningen die ingrijpend worden gerenoveerd, per groep aangesloten op tijdelijke verplaatsbare Cv-ketels. In huis lijkt het dan al of men is aangesloten op het grote stadswarmte net, maar de verbinding met de Afval Energie Centrale is dan nog niet gemaakt. Terwijl groepen woningen, scholen en voorzieningen op de tijdelijke ketels worden aangesloten, is WPW ondertussen al bezig om de grote leidingen van de centrale naar Nieuw West aan te leggen. Deze leidingen worden ondergronds ingegraven of geboord, veelal onder wegen of in groenstroken. Daarbij probeert WPW zoveel mogelijk mee te gaan met wegwerkzaamheden die reeds om andere redenen waren gepland. Het zal echter duidelijk zijn dat er plaatselijk wel een tijdje sprake zal zijn van enige hinder als gevolg van de aanleg. Rond het jaar 2009 liggen de hoofdleidingen in de grond en wordt de aansluiting gemaakt tussen de groepen woningen en het hoofdnet. Dan verdwijnen ook de tijdelijke ketels. Vervolgens blijft het warmtenet meegroeien met de vernieuwing van Nieuw West.

Volgens schattingen worden de komende jaren op deze wijze zo’n 15 duizend nieuwbouwwoningen en 9 duizend renovatiewoningen op stadswarmte aangesloten. Omgerekend zal dus 15 á 20 procent van alle woningen in Nieuw West met stadswarmte te maken krijgen. Ook veel scholen, winkels en kantoren zullen worden aangetakt. 
Bijna alle nieuwbouwwoningen die vanaf 2006 in de vernieuwingsgebieden worden gebouwd krijgen stadswarmte. Ook bij flats die ingrijpend worden gerenoveerd wordt bekeken of stadswarmte kan worden aangelegd. Het maakt daarbij geen verschil of het om een huurwoning of koopwoning gaat. Niet noodzakelijk alle bouwprojecten in Nieuw West krijgen stadswarmte. Er kunnen bijvoorbeeld plekken zijn die te geïsoleerd liggen om de leidingen naartoe te leggen. Deze woningen en de bestaande woningen behouden gewoon de normale aardgasleidingen en Cv-ketels.
Bewoners die straks wegens sloopplannen moeten verhuizen en willen terugkeren naar een nieuwbouwwoning in Nieuw West, kunnen dus te maken krijgen met een overstap naar een woonsituatie met stadswarmte. Wat dat in de praktijk betekent wordt hieronder toegelicht.

In een woning met stadswarmte is er geen ruimte meer nodig voor een Cv-ketel. De warmte komt via een zogenoemde “afleverset” de meterkast binnen. Deze afleverset vervangt de Cv-ketel. Vanaf dit punt lopen op de gebruikelijke wijze warmwaterleidingen naar de radiatoren, badkamer en waterkranen. De kamerthermostaat regelt eveneens op de bekende manier de verwarming van de woning. In de meterkast geeft een verbruiksmeter aan hoeveel energie u gebruikt. 

Het warme tapwater (keuken en douche) is ruim 60 graden van temperatuur en komt ook uit de afleverset in de meterkast. Dit wordt met een hoeveelheid van 8 liter per minuut (of meer) geleverd, wat een krachtiger straal geeft dan bij de eenvoudige modellen Cv-ketels. Het warme water dat uit de keukenkraan of douche komt is echter niet hetzelfde water dat in de stadswarmte leiding in de straat stroomt. In de meterkast zit een warmtewisselaar die de stadswarmte overbrengt op de drinkwaterleiding, zonder dat de twee soorten water met elkaar in contact komen. 
De elektra in de woning is eigenlijk hetzelfde als bij een woning met aardgas. Het enige verschil is dat er een zwaardere stop in de meterkast zit. De reden daarvoor is dat in een woning met stadswarmte op elektra wordt gekookt; er is immers geen aardgasleiding meer nodig. Een voorkeur voor koken op gas of op elektra verschilt van persoon tot persoon. In het algemeen blijkt dat met de huidige elektrische kookplaten een ruime meerderheid van mensen tevreden is met elektrisch koken. Koken op elektra is door het ontbreken van open vuur veiliger en gezonder voor het binnenmilieu dan koken op gas.
Mensen die van een woonsituatie met gasfornuis overstappen naar een woning zonder gasfornuis dienen wel een elektrische kookplaat aan te schaffen en soms andere pannen. Er is afgesproken dat sociale huurwoningen die op stadswarmte worden aangesloten kosteloos geleverd worden met een moderne (keramische) kookplaat en een keuze tussen twee typen pannensets.

Een harde voorwaarde van de gemeente, stadsdelen en woningcorporaties in Nieuw West is dat bewoners in woningen met stadswarmte niet duurder uit zullen zijn. Daar is zorgvuldig aan gerekend en over onderhandeld. De tarieven voor warmte behoren tot de laagste in Nederland. 
In de meterkast geeft een verbruiksmeter aan hoeveel energie u gebruikt. U betaalt dus alleen voor wat u zelf verbruikt. In een woning op stadswarmte betaalt u evenveel of minder aan maandelijkse verbruikskosten als zou u in een woning met aardgas wonen. Bewoners hebben bovendien geen omkijken naar de kosten van storingen of vervanging van een Cv-ketel. Het onderhoud van de warmte afleverset en het verhelpen van storingen is kosteloos. 
Het koken op elektra is qua verbruik wel een stuk duurder dan koken op gas. Maar daar staat tegenover dat u geen Cv-ketel heeft die stroom verbruikt. Per saldo is het elektraverbruik daardoor ongeveer hetzelfde.

Een stadswarmte woning kost de bewoner dus niets meer dan een vergelijkbare woning op aardgas, maar kost ook niet echt minder. Dat roept soms vragen op; het warme water uit de Afval Energie Centrale is immers restwarmte dat nu in het Noordzee kanaal wordt geloosd en zou daardoor “gratis” moeten zijn. Het is inderdaad zo dat de warmte uit de centrale heel weinig kost. Maar de aanleg en beheer van een stadswarmte net is zeer veel kostbaarder dan het leggen van een eenvoudige gasleiding. Dat is de belangrijkste reden dat stadswarmte niet echt goedkoper kan worden aangeboden dan aardgas.