OMHOOG ] BESTEMMINGSPLAN ] BUURT 1 ] BUURT 2 ] BUURT-3 ] BUURT-4 ] BUURT-5 ] BUURT-6 ] BUURT-7 ] BUURT 8 ] BUURT-9 ] BUURT-9 ] BUURT-10 ] Deelgebied 5 ] Parels ] Sloopkader.htm ] [ Sociaal Plan ]

Sociaal Plan ParkStad


Westelijke Tuinsteden Amsterdam, februari 2002
Wat is het Sociaal Plan ParkStad
Het Sociaal Plan ParkStad is een totaal pakket aan afspraken en regelingen over de positie van bewoners bij de vernieuwing van de westelijke tuinsteden. Deze folder is gemaakt zodat u, bewoner van de westelijke tuinsteden, direct kunt zien waar u mee te maken krijgt als uw huis gesloopt of gerenoveerd wordt. U kunt er in lezen hoe de herhuisvesting in z'n werk gaat en welke financiële regelingen er zijn.
Woningcorporaties, bewoners en overheid hebben een aantal afspraken gemaakt over de positie van bewoners bij de vernieuwing van de Westelijke Tuinsteden. Deze afspraken en een aantal stedelijke regelingen vormen tezamen het Sociaal Plan Parkstad. In februari 2002 is het Sociaal Plan ParkStad door de drie partijen, bewoners, woningcorporaties en overheid, ondertekend. Het Sociaal Plan ParkStad geldt vanaf dat moment voor de hele westelijke tuinsteden en geldt voor de hele duur van de vernieuwingsoperatie. Ieder jaar wordt bekeken of er aanpassingen moeten komen. De afspraken gelden zowel voor huurders van corporatiewoningen als voor huurders van woningen van particuliere eigenaren.
Algemene afspraken

1. Maatwerk bij informatievoorziening
Bij ieder project wordt in overleg met de bewoners(commissie) bepaald op welke manier de bewoners worden geïnformeerd over de vernieuwing. In het overleg worden afspraken gemaakt over hoe de informatie gegeven wordt (in een krantje, op een bijeenkomst, in welke talen e.d.) en welke informatie wanneer gegeven wordt.
2. Stadsdeel en corporatie doen samen de informatievoorziening
Het stadsdeel en de corporatie doen de informatievoorziening over de vernieuwing aan bewoners gezamenlijk. Voordat het plan voor sloop/nieuwbouw of renovatie is vastgesteld wordt u op de hoogte gehouden van de voortgang en de mogelijkheden om uw mening te geven. Tenminste anderhalf jaar voor de sloop of renovatie ontvangen alle bewoners een brief over de stand van zaken en een uitnodiging voor een informatieavond. Vanaf die tijd is er ook een vaste contactpersoon bij de corporatie. Eén jaar voor de sloop of renovatie wordt bij alle bewoners een huisbezoek gedaan door de vast begeleider van de corporatie. U krijgt informatie, hulp en begeleiding bij het zoeken naar een andere woning. Er is dan ook een
spreekuur in de buurt waar u terecht kunnen met vragen en klachten. Als alles achter de rug is wordt een door middel van een enquête onderzocht of u tevreden bent over de begeleiding en de herhuisvesting.
3. per project een beheerplan
Om de leefbaarheid tijdens de vernieuwingsoperatie op peil te houden wordt voor ieder project in overleg tussen corporatie, stadsdeel en bewoners een beheerplan gemaakt. In het beheerplan komen onder andere afspraken te staan over het onderhoud aan het complex, de tuinen en de straten, de tijdelijke verhuur van woningen, verlichting, plaatsen van afvalcontainers en een meldpunt voor klachten.
De ingrepen

Er is een aantal verschillende soorten ingrepen mogelijk. Hieronder kort een overzicht en de belangrijkste gevolgen.
1. Sloop
· herhuisvesting als stadsvernieuwingskandidaat
· herhuisvestingsperiode van 1 jaar
· huurbevriezing na sloopbesluit
· een verhuiskostenvergoeding van € 4500,-
2. Ingrijpende renovatie (kan niet tijdens bewoning)
· drie mogelijkheden:
a. terugkeer – via wisselwoning - in de eigen woning (mits passend)
b. terugkeer – soms via een wisselwoning - in andere woning in het complex
c. definitieve herhuisvesting als stadsvernieuwingskandidaat elders
· de afspraken over de werkzaamheden, de gevolgen voor de huur en hoe lang
het gaat duren worden vastgelegd in een contract
· de huur van de wisselwoning is nooit hoger dan de oude huur
· een verhuiskostenvergoeding van € 4500,-
3. Kleine renovatie (gebeurt tijdens bewoning)
· afspraken over de werkzaamheden, de gevolgen voor de huur en hoe lang het
gaat duren worden vastgelegd in een contract
· een vergoeding voor herinrichtingskosten van € 500,- of € 1400,-.
4. Geen ingreep, maar overlast in de omgeving
· in daartoe aangewezen complexen: voorrang bij het zoeken naar een andere
woning als stadsvernieuwingsbetrokkene. Geen verhuiskostenvergoeding.
5. Verkoop sociale huurwoningen
· geen verplichting tot kopen, gewoon blijven huren kan ook
· informatie over verschillende vormen van verkoop
· afspraken over leefbaarheid, onderhoud en servicekosten
· maximaal 30 % korting op de marktwaarde van de koopprijs
Afspraken over herhuisvesting
1. Voorrangspositie op de woningmarkt in Amsterdam
Stedelijk geldt dat legale hoofdbewoners die hun huis uit moeten omdat het gesloopt of gerenoveerd wordt de status van stadsvernieuwingskandidaat krijgen.
Stadsvernieuwingskandidaten kunnen met voorrang inschrijven op een passende woning uit het Amsterdamse aanbod in de woningkrant. Een passende woning is een woning die past bij huishoudensamenstelling en inkomen.
2. Garantie op passend aanbod in de nabije omgeving
De woningcorporaties garanderen dat u passend aanbod in de westelijke tuinsteden krijgt.
Als u dat wil, zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke woonplek. Passend aanbod betekent het aanbieden van een woning die past bij uw huishoudensamenstelling en inkomen.
3. Informatievoorsprong bij koop- en huurwoningen in het vernieuwingsgebied en Nieuw
West
Bewoners uit een vernieuwingsgebied worden door de woningcorporaties als eerste op de hoogte gesteld van aanbod aan nieuwbouw- en gerenoveerde woningen in het
vernieuwingsgebied. Zij kunnen als eerste intekenen op deze woningen.
4. Voorrang bij koop- en huurwoningen in Nieuw West
De volgordebepaling bij nieuwbouwwoningen (koop en huur) is als volgt:
1. Stadsvernieuwingskandidaten uit het vernieuwingsgebied (die daar tenminste 5 jaar wonen)
2. Stadsvernieuwingskandidaten uit andere delen van de Westelijke Tuinsteden (die
daar tenminste 5 jaar wonen)
3. Overige stadsvernieuwingskandidaten
Als uw woning gesloopt wordt, maar er is op dat moment geen nieuwbouw, dan kunt u
intekenen op toekomstige nieuwbouw. U krijgt dan een wisselwoning aangeboden.
5. Extra-kansregeling voor nieuwbouw in het vernieuwingsgebied
Als u verhuisd bent uit het vernieuwingsgebied, kunt u tot drie jaar na de uitplaatsing gebruik maken van de mogelijkheid om terug te keren naar een nieuwbouwwoning in het vernieuwingsgebied waar u vandaan komt. Deze 'latere' nieuwbouw wordt in eerste instantie toegewezen aan stadsvernieuwingskandidaten die op het moment van oplevering hun huis uit moeten. In tweede instantie kunt u in aanmerking komen voor deze nieuwbouw.
6. Spijtoptantenregeling bij vertrek uit het stadsdeel
Als u gekozen hebt voor herhuisvesting buiten het stadsdeel, is er de mogelijkheid om
binnen een jaar terug te keren naar een passende woning in het stadsdeel. Op basis van de oude woonduur kunt u een tweede maal (als doorstromer) reageren op het vrijkomende huurwoningen in het stadsdeel.
7. Inspanningsverplichting
Corporaties en overheid spannen zich in om bewoners zoveel mogelijk een andere woning naar wens aan te bieden. De planning en de volgorde van sloop of renovatie worden zo gekozen dat de beste mogelijkheden voor herhuisvesting ontstaan. Zoveel mogelijk: eerst bouwen, dan slopen.
8. Individuele bewonersbegeleiding
U schrijft in principe zelf in op het aanbod in de woningkrant. Er is hulp en begeleiding door een vaste medewerker van de corporatie bij het zoeken naar andere woonruimte.
Bovendien is er extra tijd en hulp voor de begeleiding van ouderen.
9. Voorrang bij toewijzing van woningen voor ouderen
Stadsvernieuwingskandidaten hebben ook voorrang op woningen voor ouderen in een beschermde woonomgeving. Een deel van deze woningen wordt aangeboden aan kandidaten met een indicatie van de Stichting Tot en Met. Een ander deel wordt
toegewezen aan kandidaten zonder indicatie. In beide gevallen hebben stadsvernieuwingskandidaten voorrang.
10. Vermelding van sloopplannen in de woningkrant
Om te voorkomen dat bewoners die wegens sloop moeten verhuizen opnieuw te maken krijgen met stedelijke vernieuwing is de volgende afspraak gemaakt. In de woningkrant wordt vermeld als voor een woning plannen in voorbereiding zijn. Als u desondanks binnen een termijn van 5 jaar opnieuw stadsvernieuwingskandidaat bent, kunt u gebruik maken van uw oude woonduur.
Financiële regelingen
1. Verhuiskostenvergoeding van € 4500
Als u moet verhuizen wegens sloop of ingrijpende renovatie is er een
verhuiskostenvergoeding van € 4500. Deze vergoeding wordt uitgekeerd als u verhuist na de peildatum. De peildatum is de start van de herhuisvesting en ligt tenminste 1 jaar voor de geplande sloopdatum.
2. Vergoeding bij niet ingrijpende verbetering van € 500,- of € 1400,-
Niet ingrijpende verbetering is woningverbetering die tijdens bewoning gebeurt. Afhankelijk van het soort verbeteringen is er een vergoeding voor herinrichtingskosten van € 500,- of € 1400,-.
3. Individuele huursubsidie en woonlastenfonds
Of u in aanmerking komt voor individuele huursubsidie hangt af van de huur van de nieuwe woning, uw leeftijd en huishoudensamenstelling, uw inkomen en uw vermogen. Voor ouderen, gehandicapten en gezinnen met drie of meer kinderen mag de huur niet boven € 541,- zijn. Voor gezinnen met één of twee kinderen is er huursubsidie mogelijk tot een huur van € 458,-, voor alleenstaanden en stellen tot € 365,-.
Er worden vier type huishoudens onderscheiden waarvoor elk een maximum inkomen geldt.
· Eenpersoonshuishoudens tussen 18 en 65 jaar, maximum belastbaar inkomen         €16.948,69.                                                                                        · Meerpersoonshuishoudens tussen 18 en 65 jaar, maximum belastbaar inkomen         € 22.711,70
· Eenpersoonshuishoudens boven 65 jaar, maximum belastbaar inkomen € 15.042,81
· Meerpersoonshuishoudens boven 65 jaar, maximum belastbaar inkomen                     € 19.625,99
4. 3 jaar huurgewenning
Voor bewoners met een inkomen tussen huursubsidiegrens en ziekenfondsgrens         (€ 30.700,-) is er een speciale regeling voor huurgewenning. Als het verschil tussen de oude en de nieuwe huur tussen € 50,- en € 180,- ligt komt u in aanmerking voor een bijdrage.
Deze bijdrage is het eerste jaar 75%, het tweede jaar 50% en het derde jaar 25%. Als de nieuwe huur meer dan € 180 hoger is, ontvangt u de maximum bijdrage als bij € 180,-.
5. Sociaal Fonds
De corporaties hebben een Sociaal Fonds opgericht. Huurders die door de vernieuwing in financiële problemen komen, kunnen een aanvraag indienen voor een bijdrage uit dit fonds.
Een voorwaarde is onder andere dat de financiële problemen een direct gevolg zijn van de vernieuwing. Een commissie bestaande uit medewerkers van de corporaties en bewoners beslist over de aanvraag.
6. Vergoeding voor zelf aangebrachte voorzieningen
De corporaties bieden een vergoeding voor door de bewoner zelf aangebrachte
voorzieningen zoals een nieuwe keuken of badkamer. Het gaat daarbij om een vergoeding van de dagwaarde van door de corporatie goedgekeurde voorzieningen.
7. Amsterdamse Middensegment hypotheek
Voor kopers met een jaarinkomen tussen € 20.420,- en € 38.575,- bruto is er de
Amsterdamse Middensegment Hypotheek. Deze hypotheekvorm kan toegepast worden bij nieuwbouwwoningen met een koopprijs tussen € 117.892,- en € 176.470,-. (Maximale hoogte van de hypotheek: € 190.000,-). De gemeente Amsterdam financiert een aflossingsvrij deel van de hypotheek met een maximum van € 45.380,-. Het aantal kopers dat van deze regeling gebruik kan maken is beperkt tot 500 per jaar voor de hele stad.
8. Koopsubsidie
Sinds januari 2001 bestaat er een landelijke koopsubsidie voor mensen met een inkomen binnen de huursubsidiegrenzen. De hoogte van het subsidiebedrag is onder meer afhankelijk van het inkomen en vermogen. De subsidie bedraagt maximaal € 150,- per maand.